Gebruikt u clopidogrel? Lees dit goed
Misschien gebruikt u clopidogrel. Bijvoorbeeld omdat u een dotterbehandeling heeft ondergaan, een TIA of beroerte heeft gehad, of omdat u problemen heeft met de doorbloeding in uw benen. Clopidogrel is in al deze gevallen een belangrijke “bloedverdunner”: het zorgt ervoor dat uw bloedplaatjes minder gaan plakken, en helpt zo om een nieuwe vaatafsluiting te voorkomen.
Maar wat veel mensen niet weten: bij ongeveer één op de vier patiënten werkt clopidogrel onvoldoende. Niet omdat ze hun pil vergeten, niet omdat ze iets verkeerd doen maar door hun DNA.
Als apotheker wil ik u uitleggen hoe dat zit, en wat u eraan kunt doen.
Hoe werkt clopidogrel eigenlijk?
Clopidogrel is een bijzonder medicijn: het tablet dat u inneemt, is op zichzelf nog niet werkzaam. Uw lichaam moet het eerst “aanzetten”. Dat gebeurt in uw lever, met behulp van een speciaal enzym dat CYP2C19 heet.
U kunt dit enzym zien als een soort sleutel die de stof in het tablet omzet naar de actieve, werkzame vorm. Pas dán kan clopidogrel zijn werk doen: voorkomen dat uw bloed te snel stolt.
Het probleem: niet iedereen heeft hetzelfde "enzym"
Mensen verschillen van elkaar en dat geldt ook voor dit enzym. Door erfelijke aanleg (uw DNA) werkt het bij de ene persoon prima, terwijl het bij de ander trager of helemaal niet werkt. Sommige mensen hebben juist een sneller werkend enzym.
Heel grof gezegd zijn er vier groepen:
- Normale omzetting (NM)— clopidogrel werkt zoals bedoeld.
- Trage omzetting (IM) — clopidogrel werkt minder goed dan zou moeten.
- Bijna geen omzetting (PM) — clopidogrel werkt nauwelijks; u bent eigenlijk niet beschermd.
- Snelle omzetting (UM) — clopidogrel werkt extra sterk; mogelijk groter risico op een bloeding.
In Nederland heeft ongeveer 1 op de 4 mensen een aanleg waarbij clopidogrel niet optimaal werkt. Dat is geen kleine groep. En het ergste is: zonder een test merkt u het pas wanneer er iets misgaat bijvoorbeeld een nieuw event, ondanks trouw slikken.

Wat zeggen de richtlijnen?
Het bewijs hiervoor stapelt zich al jaren op, en in 2026 is het onderwerp opnieuw stevig op de kaart gezet:
- Een internationale richtlijn uit begin 2026 adviseert om íédereen die clopidogrel krijgt voorgeschreven, vóóraf te laten testen op deze erfelijke aanleg.
- De Nederlandse Werkgroep Farmacogenetica (onderdeel van de apothekersorganisatie KNMP) beoordeelt deze test bij specifieke patiëntengroepen zoals na een dotterbehandeling of een TIA/beroerte als ‘essentieel’.
- Recent onderzoek uit 2026 laat zien dat patiënten die op basis van hun DNA worden overgezet op een ander medicijn (zoals ticagrelor) minder vaak een nieuw event krijgen, zónder dat de kans op bloedingen toeneemt.
En als blijkt dat clopidogrel bij u niet goed werkt?
Goed nieuws: daar zijn oplossingen voor. Afhankelijk van uw situatie kan uw arts of apotheker dan kiezen voor:
- een ander medicijn (bijvoorbeeld ticagrelor of prasugrel),
- een andere combinatie van middelen (bijvoorbeeld acetylsalicylzuur in combinatie met dipyridamol),
- of, in sommige gevallen, een aangepaste dosering van clopidogrel.
De keuze hangt af van waarom u clopidogrel slikt en wat verder uw medische situatie is. Daar overlegt uw apotheker over met uw arts u hoeft dat niet zelf uit te zoeken.
Hoe gaat de test in zijn werk?
De test is eenvoudig en eenmalig:
- U neemt een wangslijmvliesmonster af (een wattenstaafje langs de binnenkant van uw wang). Geen bloedprik nodig.
- Het laboratorium analyseert uw DNA op deze specifieke aanleg.
- Binnen ongeveer 4 weken ontvangen wij de uitslag.
- Uw apotheker bespreekt de uitslag met u en, indien nodig, met uw arts.
Het resultaat geldt uw leven lang. U hoeft de test maar één keer te doen en de uitslag is ook in de toekomst bruikbaar voor andere medicijnen waarvoor hetzelfde enzym een rol speelt (bijvoorbeeld bepaalde maagbeschermers en antidepressiva).
Tot slot: waarom ik dit belangrijk vind
Als apotheker zie ik dagelijks hoe groot het verschil kan zijn tussen “een medicijn slikken” en “het juiste medicijn slikken”. Bij clopidogrel is dat verschil concreet en meetbaar. Een eenvoudige test, één keer in uw leven, kan u helpen om er zeker van te zijn dat uw bloedverdunner ook echt verdunt.










